Ga naar hoofdinhoud

Gemeente en verzekeraar overtuigen

Veel theaters zijn eigendom van de gemeente. Verzekeraars hebben soms vragen bij laadinfrastructuur. Op deze pagina vindt u de meest voorkomende bezwaren en hoe u ze beantwoordt.

De gemeente als gebouweigenaar

Als u huurder bent, heeft u toestemming nodig van de gemeente (of andere gebouweigenaar) voor aanpassingen aan het gebouw. De onderstaande argumenten helpen u dat gesprek te voeren.


"We moeten dit eerst intern afstemmen."

Dit sluit direct aan op uw gemeentelijke klimaatdoelen. Elke gemeente heeft vastgesteld dat zij zero-emissievervoer wil stimuleren. Een laadpunt bij een culturele instelling is een zichtbare, concrete uitvoering van dat beleid — zonder gemeentelijke investering.


"Wij willen geen commerciële activiteiten in ons gebouw."

De laadinfrastructuur is een publieke dienst aan artiesten, gezelschappen en bezoekers — vergelijkbaar met fietsparkeren of een oplaadpunt voor telefoons. Het is geen commercieel bedrijf in uw gebouw.


"Wie is verantwoordelijk bij schade of ongelukken?"

De exploitant (CPO) draagt de aansprakelijkheid voor de installatie en het gebruik. Het theater is niet aansprakelijk voor schade die door de laadpaal of het laden wordt veroorzaakt. Dit staat in het contract.


"Wij zijn eigenaar van het gebouw — wat zijn de gevolgen voor het pand?"

De laadpaal is een verplaatsbaar apparaat. De enige permanente aanpassing is een kabelgoot en mogelijk een extra groep in de meterkast — vergelijkbaar met het aansluiten van een nieuwe keukenapparatuur. Er is geen structurele wijziging aan het gebouw.


"Kan dit ook breder worden opengesteld?"

Ja — en dat is juist een kans voor de gemeente als eigenaar. Het laadpunt kan ook beschikbaar worden gesteld aan derden op afspraak tijdens vrije tijdvakken van het theater. Denk aan een lokale aannemer die bouwmateriaal of materieel moet laden, of andere bedrijven in de buurt zonder eigen laadmogelijkheid. Zo levert het laadpunt ook de gemeente aantoonbare maatschappelijke waarde op.


Extra argument voor gemeenten

Een laadpunt bij een theater levert de gemeente aantoonbare CO₂-reductie die zij kan meenemen in haar duurzaamheidsrapportage. Elke kWh via de paal is een kWh minder diesel.


De verzekeraar

Meld de installatie van een laadpaal altijd pro-actief aan uw verzekeraar. Hieronder de meest voorkomende vragen.


"Een laadpaal verhoogt ons brandrisico."

De laadpaal is gecertificeerd (CE, IEC 61851) en bevat ingebouwde beveiliging tegen overbelasting en oververhitting. Er zijn inmiddels theaters die toestemming hebben gekregen van hun verzekeraar voor inpandig laden — zelfs in historische gebouwen. Bovendien heeft het Verbond van Verzekeraars publiekelijk toegezegd dat verzekeraars niet de rem zullen zijn op de elektrische transitie. Meld de installatie pro-actief en lever de certificeringsdocumenten aan — in de praktijk leidt dit niet tot problemen.


"Verandert dit onze polis?"

Meld de installatie pro-actief aan uw verzekeraar — dit is standaard bij elke technische uitbreiding. De exploitant levert alle benodigde certificeringsdocumenten. In de praktijk leidt een gecertificeerde laadpaal niet tot premieverhoging.


"Wat als iemand een elektrische schok krijgt?"

Moderne laadpalen zijn volkomen veilig bij normaal gebruik — ze voldoen aan dezelfde veiligheidseisen als elk ander elektrisch apparaat in uw gebouw. De aansprakelijkheid voor het apparaat ligt bij de exploitant, niet bij u als pandeneigenaar.


Documentatie aanleveren

Vraag uw CPO om de volgende documenten voor uw verzekeraar:

  • CE-certificering laadpaal
  • IEC 61851 conformiteitsdocument
  • Aansprakelijkheidsverklaring CPO
  • Inspectiecertificaat elektrotechnische installatie